Speeddaten met huisgenoten

In Lieven zijn ook coöptatiewoningen te vinden. Hier wonen drie mensen samen en delen ze de woonkeuken en badkamer. Maar hoe zorg je voor een goede match? De Key organiseerde voor het eerst in haar geschiedenis een speeddate!

“Ik heb nog nooit eerder een speeddate gehad, laat staan om met iemand te gaan samenwonen!” zegt een van kandidaten meteen lachend. Het voelt allemaal nog wat ongemakkelijk voordat de speeddate van start gaat.

Eet je graag samen?

De toekomstige bewoners schuiven telkens aan bij één van de vier tafels om tien minuten te ‘daten’. Na tien minuten was het weer tijd om een andere tafel te zoeken. Stroef gesprek? Kaarten met vragen lagen klaar om het gesprek op gang te brengen. ‘Ben je een ochtend- of een avond mens?’ of ‘eet je graag samen?’. Tijdens de speeddate vangen we flarden op van gesprekken, van openhartig tot onwijs grappig: “Ik heb dit nog nooit eerder gedaan, überhaupt niet!” of “Ik hou wel van koken, maar ik kan het niet.”

Meteen raak

Eén groepje meiden kan het direct met elkaar vinden. “Ik had nooit verwacht dat ik iemand zou vinden om mee samen te wonen” zegt een van de meiden verast. Ter plekke worden meteen de kamers verdeeld, nummers uitgewisseld en getoast op de nieuwe huisgenoten. Een selfie van de drie wordt naar de moeders geappt.

Beste klik

Hoe kom je dan tot een match van drie bewoners? Iedereen schrijft ter plekke alle namen op met wie ze de beste klik hebben. “Op deze manier voel ik mij ook minder rottig. Ik vind het toch moeilijk om te zeggen ‘jij niet’. Nu noteer ik gewoon met wie ik wél zou kunnen samenwonen. Zo is er meer kans dat ik straks samenwoon met mensen die mijn naam ook hebben opgeschreven.”

Moeder weet raad

Eén moeder was in plaats van haar dochter bij de speeddate aanwezig: “Ik weet wel wat mijn dochter wil en met wie zij samen zou willen wonen. Dat weten moeders toch wel het beste.” Na afloop van de speeddate wordt er nog nagepraat met een drankje. “Het is fijn om elkaar van te voren al een beetje te leren kennen. Je woont uiteindelijk toch allemaal met elkaar op één plek.”